Introductie
In het dagelijkse leven worden we geconfronteerd met vele voorspellingen. De meest bekende zal de weersvoorspelling zijn. In alle media, zowel in de krant als op de televisie en op de radio worden we er van op de hoogte gehouden. En meestal passen we ons gedrag er op aan: we trekken een dikke jas aan of nemen de paraplu mee.
Ook in het bedrijfsleven vinden veel activiteiten plaats op basis van verwachtingen wat er in de toekomst gebeuren gaat. Het bestellen van materialen, het inhuren van uitzendkrachten en het reserveren van opslagruimte worden vaak bepaald door de planning. En de planning is vaak gebaseerd op voorspellingen van vraag naar producten of diensten.
Klantenorder ontkoppelpunt
Een productieplan in een productieomgeving wordt vaak afgeleid van de beschikbare voorraden en de afzet van eindproducten. In sommige bedrijven wordt de planning voor de productie geheel ingevuld met daadwerkelijke klantenorders. De grondstoffen worden dan bijvoorbeeld pas besteld als de order van de klant binnen is. In andere bedrijven kan dat niet en wordt gewerkt met een voorspelling van de afzet.
In hoeverre een bedrijf op voorraad produceert of op klantenorder, kan worden aangegeven met het klantenorder ontkoppelpunt (KOOP). Dat is het punt totwaar de activiteiten in een bedrijf daadwerkelijk bepaald worden door specifieke klantenorders. Voor het KOOP worden processen gestuurd door de eerder genoemde voorraden en afzetverwachtingen, na het KOOP worden processen gestuurd door de daadwerkelijke klantenorders.
Bij sommige bedrijven ligt het KOOP na de inkoop van grondstoffen. De grondstoffen worden dan nog wel op voorspellingen en voorraadniveau’s gebaseerd, maar de daadwerkelijke productie wordt bepaald door de orders die van klanten zijn ontvangen. Dat zou voor kunnen komen in bedrijven die grondstoffen gebruiken die een lange besteltijd kennen, bijvoorbeeld omdat ze moeten groeien. Je kunt dan denken aan bedrijven die natuurlijke producten fabriceren.
Andere bedrijven hebben het KOOP pas in de winkel. Alle processen in het bedrijf worden dan gebaseerd op voorraden en prognoses omdat de daadwerkelijke aanschaf (de klantenorder in dit geval) in de winkel plaatsvindt. Dergelijke planning-gestuurde bedrijven zijn zeer afhankelijk van een juiste prognose om het juiste product op de juiste tijd op de juiste plek te hebben liggen. Veel producten in de detailhandel komen van dergelijke bedrijven.
Typen Voorspellingsmodellen
De methoden die gebruikt worden voor forecasting vallen uiteen in 2 hoofdgroepen: de kwantitatieve en de kwalitatieve modellen. De kwantitatieve forecasting modellen zijn gebaseerd op de statistische analyse van historische gegevens terwijl de kwalitatieve modellen zich baseren op meningen van personen of groepen.
De eerste hoofdgroep van kwantitatieve methoden is verder onder te verdelen in modellen die trends in historische gegevens door trekken naar de toekomst (extrapoleren) en modellen die andere gegevens vertalen naar de te voorspellen cijfers (multivariabel). De vraag naar nieuwe auto’s zou bijvoorbeeld kunnen worden voorspeld op basis van de afzet in voorgaande maanden (extrapolatie) of op basis van de huidige stand van de economie en gemiddelde prijs van tweedehands auto’s (multivariabel).
De tweede hoofdgroep van kwalitatieve methoden is gebaseerd op opinies van 1 of meer personen die kennis hebben van het te voorspellen gegeven. Denk aan de marketing-, sales- of logistiek manager die zijn wekelijkse of maandelijkse prognose afgeeft door zelf een inschatting te maken. Maar ook worden bij introducties van nieuwe producten vaak inschattingen gemaakt op gevoel. Alhoewel deze methoden minder objectief zijn, hebben ze in vele situaties wel toegevoegde waarde.
In de praktijk wordt vaak een combinatie van de beide mogelijkheden ingezet. Zo wordt vaak een statistische forecast als basis gebruikt die daarna wordt beoordeeld (review) door een expert en waar nodig aangepast (overruling).