Investeringen in forecasting betalen zich uit

Om de beoogde groei in goede banen te leiden, investeerde Van Ommen in een forecast- en voorraadbeheersysteem. Een investering die het analytisch denken binnen het bedrijf naar een hoger niveau tilde en de rust op de vloer terugbracht.

Van Ommen richt zich steeds meer op de export. In 2003 opende het bedrijf een vestiging in België. Frankrijk volgde niet veel later en op dit moment is het vizier gericht op Spanje en Groot-Brittannië. Het verleggen van de grenzen heeft resultaat gehad, want in de afgelopen jaren is de omzet met vijftien procent gestegen.

Een goede vraagvoorspelling is daarbij essentieel. "Je kunt het je niet permitteren om bij de eerste levering van een nieuwe klant al ‘nee' te moeten verkopen", vindt de manager Inkoop en Logistiek van Van Ommen.

Van Ommen heeft eerst geïnvesteerd in de beschikbaarheid richting afnemers. Nadat die mede dankzij de implementatie van een ERP-systeem was verwezenlijkt, werd de voorraad onder handen genomen. Met behulp van een forecasting- en voorraadbeheer is de voorraad in de afgelopen periode gecontroleerd naar beneden gebracht.

Van Ommen heeft ruim 18.000 artikelen op voorraad. "Dat is één van onze krachten. Als wij het niet op voorraad hebben, heeft niemand in onze branche het. Bovendien worden de goederen in vrijwel alle gevallen binnen 24 uur geleverd; of het nou om een broodje van de bakker gaat, of om een exotisch gereedschap."

Ondanks die behoorlijke logistieke prestaties legde Van Ommen de lat dus hoger. Er moest meer zicht komen op de voorraden en op de bestelpatronen van klanten. "Omdat we alleen dan de beoogde groei in goede banen konden leiden. We wilden ons anticiperend vermogen verbeteren".

Bron: Logistiek februari 2008

 

 

 


Wilt u ook besparingen bereiken en meer omzet genereren met betere forecasting en planning? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek.

Field Service kan veel efficiënter

Bedrijven kunnen veel geld besparen door de inzet van servicemonteurs slimmer aan te pakken. Het gebruik van nieuwe technieken en een flexibelere planning zijn sleutelwoorden in Field Service Management.

Het aansturen van servicemonteurs vaak lastig. In de huidige benadering krijgen ze vaak hun dagelijkse werkzaamheden 's morgens toegewezen. Aan het einde van de dag is pas bekend hoe de werkzaamheden zijn verlopen. Tussentijds wordt niet of nauwelijks bijgestuurd.

Om servicemonteurs efficiënter in te zetten is het nodig dat er real-time informatie over hun activiteiten beschikbaar is. Er moet bekend zijn waar de servicemonteurs zijn, wat voor werkzaamheden ze uitvoeren en wanneer die worden afgerond. Dan kunnen ze beter worden aangestuurd. De inzet van tracking- en tracingtechnieken en nieuwe softwareoplossingen zorgt er voor dat dit soort informatie beschikbaar komt en als managementtool kan worden ingezet.

Daarbij is een belangrijke rol weggelegd voor real-time routingsoftware, ‘call-ahead'-oplossingen waarbij van tevoren gecontroleerd wordt of een klant aanwezig is, handheld-computers voor de administratieve afhandeling van opdrachten en GPS waarmee de locatie van de monteurs getraceerd kan worden. Servicemonteurs moeten direct worden bijgestuurd bij gewijzigde omstandigheden.

Volgens adviesbureau McKinsey zorgt het toepassen van dit soort methoden en technieken binnen Field Service Management voor een dramatische verhoging van de productiviteit van servicemonteurs.

Zo zag een kabelbedrijf in de Verenigde Staten het aantal opdrachten dat iedere dag wordt afgewerkt met 80 procent toenemen. En het aantal installaties dat een beveiligingsbedrijf iedere dag aanlegde steeg met 35 procent na toepassing van de nieuwe managementmethodieken.

Bron: Logistiek, februari 2008

 


Wilt u ook kosten besparen en meer werk verzetten met innovatieve planningsmethoden? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek.

Dienstregeling NS in finale voor innovatieprijs

De nieuwe NS-dienstregeling dingt mee naar de Franz Edelman Award, een wereldwijde competitie voor de beste toepassing van analytische methoden bij het optimaliseren van bedrijfsprocessen.

In december 2006 werd voor het eerst in 36 jaar een compleet nieuw opgezette treindienstregeling ingevoerd. Bij de totstandkoming hiervan is gebruik gemaakt van speciaal ontwikkelde computerprogramma’s. Hierdoor is het mogelijk gebleken twee ogenschijnlijke tegenstrijdigheden te verenigen: de nieuwe dienstregeling heeft gezorgd voor meer capaciteit op het drukstbereden spoorwegnet van Europa èn voor beter op tijd rijdende treinen.

Dat vorig jaar 93% van de treinen van NS op tijd aankwam (gemeten naar de internationale 5-minuten-norm) is een nog nooit vertoonde score. De resultaten zijn ook zichtbaar in het oordeel van de treinreizigers over de dienstverlening: nog nooit waren de klanten van NS zo tevreden als in 2007. En op routes waar het treinaanbod kon worden uitgebreid en verbeterd, is aantal reizigers flink gegroeid.

De nieuwe dienstregeling is de uitkomst van gecombineerde toepassing van vier computersystemen voor resp. planning van de dienstregeling op de spoorlijnen tussen de knooppunten (CADANS), van het gebruik van de perronsporen op de knooppunten (STATIONS), van de inzet van de treinen (ROSA) en van de inzet van het rijdend personeel (TURNI).

De Franz Edelman Award wordt dit jaar voor de 37e keer uitgereikt. De prijswinnaar wordt bekendgemaakt op 14 april 2008 tijdens een conferentie van INFORMS (Institute for Operations Research and the Management Sciences) in Baltimore. Eerdere prijswinnaars waren onder andere Motorola, IBM, General Motors, Continental Airlines en de Canadian Pacific Railway.

 

Bron: Nederlandse Spoorwegen, februari 2008

 


Wilt u ook op innovatieve wijze uw bedrijfsprocessen optimaliseren? Wij zijn gespecialiseerd in de praktische toepassing van geavanceerde analytische methoden en bespreken graag de mogelijkheden met u. Neem contact op een vrijblijvend kennismakingsgesprek.

Te hoge voorraad in groothandels

Uit onderzoek van ING Economisch Bureau blijkt dat bijna de helft van de groothandels de voorraad te hoog vindt. Toch ligt het probleem niet zozeer bij de voorraadhoogte, maar meer bij de voorraadsamenstelling. Er is veel winst te behalen door de ‘goede voorraad’ te scheiden van de ‘slechte voorraad’.

Onlangs heeft ING Economisch Bureau een onderzoek uitgevoerd naar voorraadmanagement binnen de Nederlandse groothandel. Aan het onderzoek hebben totaal 560 groothandels deelgenomen. Uit het onderzoek blijkt dat het strategische belang van voorraden door 94 procent van de groothandels wordt onderkend.

Deze ‘waarde' is alleen lang niet altijd terug te vinden in de bedrijfsvoering van de groothandel. Zo blijken voorraadkosten regelmatig niet gemeten en meegewogen te worden in beslissingen over de voorraadpositie en nemen assortimenten gestaag in omvang toe. Hierdoor ontstaat bij 45 procent van de groothandels de vaststelling dat de voorraad te hoog is. Toch ligt het probleem niet zozeer bij de voorraadhoogte, maar feitelijk bij de voorraadsamenstelling. Waar het om gaat is de ‘goede voorraad' te scheiden van de ‘slechte voorraad'. Hiermee is nog veel winst te behalen.

Voorraadmanagement kan beter

De Nederlandse groothandel is een succesvolle sector. De omzetgroei is met gemiddeld 7 procent in de afgelopen jaar hoger dan in andere sectoren. Bovendien blijkt de groothandel innoverend en zeer klantgericht te zijn. Opvallend is dat tegelijkertijd één van de kernactiviteiten van de groothandel, het managen van de voorraad, onderbelicht is. Hierdoor worden regelmatig onnodig voorraden aangehouden, die uiteindelijk niet voldoende winstgevend worden verkocht.

Kloppend hart van de groothandel

Wat maakt de voorraad voor de groothandel zo belangrijk? In essentie is de voorraadpositie het knooppunt tussen inkoop en verkoop. Het houden van voorraad vormt hiermee het ‘kloppend hart' van de groothandel. Gemiddeld 60 procent van het assortiment wordt direct uit voorraad geleverd. Dit houdt in dat van een assortiment van 1.000 artikelen, 600 artikelen in min of meerdere mate in het magazijn opgeslagen worden. Wat de werkelijke omvang van de voorraad is, hangt onder andaere samen met de bedrijfs- en assortimentsgrootte. Naarmate het assortiment groeit, stijgt de omzet vaak meer dan evenredig. Ook zijn tussen branches aanzienlijke verschillen in voorraadomvang en assortimentsbreedte zichtbaar. Zo heeft de groothandel in technische producten of bouwmaterialen door de omvang van het assortiment en de lange opslagduur doorgaans een veel grotere voorraad dan consumptiegoederen food. Niettemin is het ook voor deze laatstgenoemde bedrijven van levensbelang de voorraad te managen.

Voorraadverhogende trends

Naast dat de voorraad een kernfunctie vervult, zijn er marktontwikkelingen die het belang van de voorraad voor de groothandel te versterken. Voorbeelden hiervan zijn de langere aanvoerlijnen en het afstoten van activiteiten door leveranciers en afnemers. Maar liefst 61 procent van de groothandels geeft aan dat de voorraadpositie de afgelopen drie jaar is gestegen. Buiten de reguliere omzetstijging zijn hiervoor verschillende redenen:

 

  • Uitbreiding van de activiteiten met bijvoorbeeld ompakken of assemblage waardoor de artikelen langer binnen de groothandel blijven.
  • JIT-levering aan industriële afnemers, waardoor de buffervoorraad moet worden verhoogd.
  • Aanlevering per container vanuit productielanden waardoor standaard hoeveelheden worden geleverd, die vervolgens langer opgeslagen liggen.
  • Assortimenten worden steeds breder door verkorting van productcycli, diversiteit van producten en de grilligheid van klantgedrag. Bovendien worden bestaande artikelen niet snel uit het assortiment genomen. Hierdoor blijven assortimenten in omvang groeien.

Spanningsveld kostenbeheersing versus beschikbaarheid

Voorraadtechnisch bevindt de groothandel zich voortdurend in het spanningsveld tussen kostenbeheersing en beschikbaarheid (‘lean' versus ‘responsiveness'). Uit het onderzoek blijkt dat bijna 45 procent van de groothandels de huidige voorraadpositie ‘te hoog' vindt. Onder middelgrote en grote groothandels is dit zelfs bijna 70 procent! De opvatting van groothandels is dus in veel gevallen dat de voorraadpositie omlaag zou moeten. Hier is het beleid nog vaak op gericht. Of dit optimaal is, hangt echter niet zozeer af van het voorraadniveau, maar van de samenstelling van de voorraad. Het gaat erom in de voorraad slecht renderende artikelen te verminderen. "Veel voorraad is niet erg, als het maar de goede voorraad is".

Bron: Logistiek, januari 2008

Voorspellen in de medische praktijk

Artsen kunnen in de nabije toekomst voor elke patiënt een nauwkeurige schatting maken met betrekking tot het ziekteverloop, zoals de kans op overleving of het optreden van complicaties.

Prof. dr. Ewout Steyerberg spreekt deze verwachting uit in zijn oratie 'Kansrijk Beslissen', waarmee hij vrijdag 7 december 2007 het ambt aanvaarde van hoogleraar Medische Besliskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Het onderzoek van Steyerberg is gericht op de ontwikkeling en toepassing van prognostische modellen. Deze modellen combineren voorspellende kenmerken om een kans te schatten op een bepaalde uitkomst van een ziekte. De onderzoeker pleit in zijn oratie voor het gebruik van prognostische modellen voor geïndividualiseerde medische besluitvorming.

Als beslissingen meer rekening houden met specifieke kenmerken van de patiënt kan onder- en overbehandeling van patiënten beperkt worden. Hij schetst een toekomstige geneeskunde waarin van elke mogelijke interventie bekend is hoe nuttig die is voor een individuele patiënt.

Steyerberg ziet de toepassingsgebieden voor prognostische modellen toenemen. Bijvoorbeeld voor het opsporen van personen met een hoog risico, zoals vrouwen met osteoporose. Ook kunnen controles, zoals screenings op kanker, op maat worden aangeboden aan personen die er mogelijk baat bij hebben.

Steyerberg signaleert een aantal uitdagingen op weg naar een dergelijke, meer geïndividualiseerde geneeskunde. Om prognostische modellen hanteerbaar te maken in de medische praktijk, moeten ze zo eenvoudig mogelijk worden gepresenteerd. Automatisering biedt hiervoor steeds betere mogelijkheden.

Prognostische schattingen kunnen deel uitmaken van een Elektronisch Patiëntendossier (EPD), zodat schattingen direct voor de behandelend arts beschikbaar zijn.

Daarnaast moeten voor een betrouwbare schatting sterke voorspellende kenmerken voor het beloop van een ziekte bekend zijn. Dit vergt fundamenteel onderzoek, want voor veel ziekten is goed voorspellen nog niet mogelijk. Ten slotte pleit hij voor een beter gebruik van statistische methoden.

Bron: Zorgkrant, december 2007

Onbetrouwbare voorspellingen, lagere koersen

Bedrijven slagen er nauwelijks in hun financiële voorspellingen te realiseren. Vroegtijdig inzicht in de ontwikkeling van de resultaten blijkt echter van grote invloed op de aandelenkoers van de bedrijven.

Uit internationaal onderzoek van KPMG onder ruim 500 bedrijven blijkt dat onbetrouwbare voorspellingen de afgelopen drie jaar een 6% lagere aandelenkoers tot gevolg had, wat volgens de ondernemingen met name te maken heeft met de reactie van aandeelhouders.

Gemiddeld blijken de voorspellingen van de bedrijven 13% af te wijken van de werkelijkheid. Slechts 1% van de ondernemingen weet de financiële voorspellingen exact te halen en 22% heeft met een maximale afwijking van 5% te maken. Deze bedrijven realiseerden de afgelopen drie jaar een koerswinst van 46% tegenover 34% voor de groep die minder goed voorspelde.

Uit het onderzoek blijkt dat alle bedrijven een forecast gebruiken om toekomstige prestaties te voorspellen. Maar ondanks het feit dat de ondernemingen er veel tijd en moeite in steken, heeft slechts 20% een relatief betrouwbare voorspelling, constateert KPMG.

Zij realiseren zich dat een betrouwbare forecasting van groot belang is voor de toegevoegde waarde van de onderneming en het vertrouwen van investeerders. Toch zien zij nog mogelijkheden om de betrouwbaarheid van de forecast te verbeteren. Ruim 42% ziet de noodzaak om meer technologie te gebruiken voor het automatiseren van het proces.

Een vergelijkbaar percentage vindt dat scenario planning een bruikbaar middel is om toekomstige ontwikkelingen te doorgronden die de forecast kunnen beïnvloeden. Tenslotte vindt 40% van de bedrijven dat het gebruik van voortschrijdende prognoses aanzienlijke verbeteringen kunnen betekenen voor de prestaties op dit gebied.

Bedrijven blijken zich vooral te richten op interne data en in veel mindere mate op uitgebreide, externe gegevens. Slechts 40% gebruikt economische rapporten van de overheid en branche organisaties in hun forecasting processen. Dat is opvallend omdat de bedrijven aangeven in hun forecasting vooral fouten te maken op het gebied van klantvraag en economische variabelen.

Bijna alle organisaties gebruiken spreadsheets voor onderdelen van het proces en maar liefst 40% gebruikt ze alleen voor het produceren van de forecast. Hoewel het met behulp van een spreadsheet mogelijk is om een forecast te maken, blijken organisaties met een nauwkeurige forecast vaak meer geavanceerde software te gebruiken.

Het onderzoek van KPMG toont aan dat bedrijven hun forecast in het algemeen vaker overtreffen dan dat ze onder de voorspellingen eindigen. Dit geeft aan dat managers, bewust of onbewust, een te conservatieve inschatting maken.

Hoewel het overtreffen van de forecast misschien niet direct als een probleem wordt gezien, is het gevolg hiervan dat belangrijke beslissingen over personeelsbezetting en investeringen gedaan wordt op basis van inaccurate en incomplete informatie en dat analisten hierop gaan anticiperen. Om betere strategische keuze te kunnen maken moet de leiding van de onderneming dan ook geleidelijk een cultuur creëren waarbij een betrouwbare forecast wordt aangemoedigd en beloond.

Bron: KPMG, Oktober 2007

Tips voor betere forecasting

Er zijn geen magische formules voor een perfecte prognose. Wel zijn er tips voor bedrijven om de betrouwbaarheid van hun forecasting te vergroten en de planning te verbeteren.

Deze tips zijn afkomstig van uit praktijk van UPS Supply Chain Solutions. Ze helpen om problemen te voorkomen in de Supply Chain.

1. Forecasting is maatwerk

De exacte behoefte en de specifieke uitdagingen verschillen per bedrijf. Vanwege de kenmerken van de markt, de sector, de grootte, geografische locatie, en nog veel meer factoren.

Zelfs binnen een bedrijf kunnen er verschillen zijn die andere vormen of methoden van forecasting vereisen. Bedrijven moeten daarom hun specifieke situatie duidelijk in kaart hebben.

– Voor welk doel is de forecast nodig?
– Wat is het voorraadbeleid of financiële doelstelling?
– Kijkt u naar korte termijn of lange termijn ramingen?
– Wat zijn de toelaatbare afwijkingen?

2. Begrijp de bronnen van onzekerheid

Er zijn talrijke factoren die de nauwkeurigheid van voorspellingen nadelig beïnvloeden. Kennis op voorhand van deze factoren helpt bedrijven om beter te plannen.

– Hoe consistent is de vraag?
– Ervaart u sporadische vraag of ononderbroken volume?
– Wat zijn de marktfactoren die de variatie beïnvloeden?
– Hoeveel zicht hebt u op de complete Supply Chain?
– Hoe betrouwbaar is uw vervoer en wat zijn alternatieven?

3. Hou het eenvoudig

Complexer is niet altijd beter als het om forecasting gaat. De voorspellingsmethode en -tools moeten afhangen van de behoefte van een bedrijf (zie 1) en de gegevens zij hebben. De juiste oplossing zou een statistische benadering of een consensusbenadering, een zelfstandig softwareprogramma of een bedrijfsbrede oplossing kunnen zijn.

– Tijdsreeks methoden kijken naar historische gegevens en projecteren die vooruit.
– Regressie methoden onderzoeken historische resultaten en nemen verhoudingen onder variabelen aan.
– Heuristische methoden baseren zich op de ervaring en expertise van specialisten.
– Consensus benadering methoden betrekken de juiste spelers binnen een proces.

4. Bereid veranderingen goed voor

Begrip van de kerncompetenties die een bedrijf nodig om heeft om forecasting te slagen is kritisch. Voordat zij beginnen met forecasting activiteiten of deze willen aanpassen moeten bedrijven zorgen dat ze goed voorbereid zijn.

– Zorg dat de juiste vaardigheden binnen de organisatie beschikbaar zijn.
– Zorg dat trainingen en cursussen klaar staan.
– Start Sales & Operations Planning (S&OP) waar er crossfunctionele planning nodig is.
– Bepaal hoe de kwaliteit gemeten zal gaan worden.

5. Verwacht het onverwachte

De enige garantie in forecasting is dat niet alles precies zal gaan zoals gepland. Daarom zijn gedefinieerde alternatieven of back-up plannen cruciaal. UPS noemt dit een demand-responsive en flexible Supply Chain.

– Zorg voor alternatieven voor uw grondstoffen en middelen.
– Verkort doorlooptijden en maak ze minder variabel.
– Werk met partners werk die flexibele business modellen hebben.
– Plan vooruit — voor ieder scenario.


Bron: Industry Week, Oktober 20007


Wilt u de kwaliteit van Forecasting en Planning binnen uw organisatie verbeteren? Wij nemen graag de mogelijkheden met u door. Neem contact met ons op voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek.

 

Voorspellen consumentengedrag belangrijk

Inzicht in consumentengedrag is belangrijk om klanten te werven en te behouden. Steeds meer bedrijven investeren in het beter voorspellen van consumentengedrag. Dat levert een hogere loyaliteit en meer cross-selling op.

Een supermarktketen en een creditcardmaatschappij hebben analisten doorgeschoven naar de top van hun marketingafdeling. Een verzekeringsbedrijf stelde marketeer aan als directeur van een speciale afdeling voor klantenkennis. De taak is om de klantloyaliteit en cross-selling mogelijkheden te verbeteren. 

De supermarktketen beschikt over een enorme schat aan klantdata. De data is gegenereerd via de de klantenkaart. De data heeft betrekking op 12 miljoen klanten en hun transacties. Alle strategische beslissingen van de supermarkt worden gebaseerd op deze informatie. Daardoor hoeft het bedrijf minder geld te besteden aan breed adverteren, ten gunste van doelgerichte communicatie met klanten.

Ondernemingen die investeren in inzicht in consumentengedrag worden beloond met concurrentievoordeel ten opzichte van rivalen die dat niet doen. Het is echter wel een enorme taak en de vereiste specialisten zijn niet ruim voorhanden.

Bron: Marketing Week, Oktober 2007

Innovatie belangrijkste strategische prioriteit

Het bevorderen van innovatie is de belangrijkste prioriteit bij grote en middelgrote bedrijven. Voor het eerst in zeven jaar staat innovatie hoger op de agenda dan groei op bestaande of nieuwe markten en het investeren in de kennis en vaardigheden van medewerkers.

Het onderzoek is gehouden onder 443 managers bij grote en middelgrote organisaties in Nederland. Koplopers in innovatie kiezen scherper welke activiteiten wel en niet passen dan achterblijvers. Zij hanteren scherpe business criteria en weten beter wat kansrijk is, doordat zij meer ‘outside-in’ handelen, anticiperen en inspelen op de grote trends.

Zij durven vroegtijdig innovatieprojecten te stoppen om andere innovaties met een grotere kans meer ruimte te geven. Waar achterblijvers zich laten beperken door wat binnen hun realiteit beschikbaar is, laten koplopers zich beïnvloeden door de kansen die voortdurend buiten hen ontstaan in markten en technologie.

Uit de Innovatie-monitor blijkt, dat open innovatie en duurzaamheid nu en in de toekomst de grootste impact hebben op het innovatieproces. Het zoeken naar nieuwe verdienmodellen en strategieën om op een andere manier te concurreren dan gebruikelijk wordt belangrijker.

Bedrijven maken meer en meer gebruik van het denkvermogen van mensen buiten de organisatie. Ook de groeiende groep senioren, die zowel tijd als geld in overvloed heeft, gaat naar verwachting voor nieuwe ruimte in de markt zorgen.

Scherpe keuzes maken is noodzakelijk, omdat innovatiemanagement geen georganiseerd standaardproces is, zoals veel andere bedrijfsprocessen die je kunt organiseren en bijslijpen. Innovatie heeft per definitie het karakter van creativiteit en innovatieve mensen laten zich lastig tot keuzes verleiden.

Bron: Twynstra The Bridge, oktober 2007

Gemiste omzet door slechte planning

De detailhandel derft jaarlijks 32 procent aan gemiste omzet. Deze zijn vooral te wijten aan logistieke missers, 24 procent wordt veroorzaakt door voorraadtekort. Dit verlies kan worden beperkt door een betere planning.

De onderzoekers van Boer & Croon onderzocht de redenen waarom de non-food detailhandel gemiddeld bijna eenderde van haar omzet (6 miljard euro) misloopt als gevolg van ‘lost sales'. Dat is gemiste omzet doordat consumenten ondanks een koopintentie niets kopen in de betreffende winkel.

Het onderzoeksbureau zocht ook naar de belangrijkste succesfactoren om lost sales te minimaliseren en vond de volgende drie belangrijkste factoren:
– centraal gestuurd voorraadbeleid;
– duidelijke positionering en communicatie van de assortimentssamenstelling;
– pro-actieve service door het verkooppersoneel.

Volgens Boer & Croon is er niet veel onderzoek gedaan naar oorzaken en omvang van lost sales in de non-food retail. Maar inzicht in de materie loont zeker, is de conclusie van de onderzoekers.

Zo gaf inzicht in het omzetverlies door out-of-stock (OOS) een retailer in de modebranche de aanzet tot een nieuw voorraadbeleid waarmee zijn omzet met meer dan tien procent steeg en zijn werkkapitaal tegelijkertijd werd gereduceerd.

De doe-het-zelf branche is de best presterende branche en bovendien ook minder onderhevig aan trends dan de overigens branches. Ook is de levenscyclus van de producten langer. Hierdoor is de doe-het-zelf branche beter in staat om het assortiment en de voorraad op de wensen van de klant af te stemmen.

De sportbranche is juist minder goed in staat om met haar assortiment en voorraad aan de verwachtingen van de consument te voldoen.

Bron: Logistiek, september 2007


Wilt u ook weten hoe een betere planning uw bedrijf minder gemiste verkopen kan opleveren? Neem dan contact met ons op voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek.